Over de uitvoering van de Subsidieregeling Milieumaatregelen Binnenvaart leven er bij een aantal aanvragers nog vragen. Op deze pagina treft u de veelgestelde vragen.

Komt u er niet uit of heeft u een andere vraag? Neem dan contact met ons op.

Veranderen van type reductiemaatregel

  • In mijn beschikkingsbrief is aangegeven dat ik een katalysator wil. Kan ik dit wijzigen naar het vervangen van mijn motor?

Nee, dat kan niet. Dit is een dermate grote wijziging dat dit niet kan. Mocht dit besluit ertoe leiden dat u de maatregel niet gaat uitvoeren dan dient u dit te melden via het meldingsformulier. Dit zal leiden tot intrekking van de subsidie en een vordering van het betaalde voorschot.

Meetrapport

  • In mijn beschikking staat dat een NOx Meting moet worden verricht door een geaccrediteerd meetinstituut met de katalysator zowel ingeschakeld als uitgeschakeld. Daarnaast staat in de subsidieregeling dat dit meetrapport moet voldoen aan de ISO 8178 procedures. Wat houdt dit precies in? En maakt een brandstofanalyse hier onderdeel van uit?

U bent inderdaad verplicht de behaalde NOx reductie aan te tonen middels een meetrapport. Een analyse van de brandstof dient onderdeel te zijn van het meetrapport. De emissiemeting dient te worden uitgevoerd door een geaccrediteerd bureau op basis van de voor de motor geldende meetprocedure beschreven in ISO 8178 (toegepast op een varend schip). Op de meetdag dient een brandstofmonster te worden afgetapt via het aftapkraantje dat bij de peilglazen zit. Voor een meetrapport zijn verbruiksgegevens benodigd. Deze kunt u zelf aanleveren (brandstofverbruik en belasting), maar een verbruiksmeting kan ook door het meetbureau worden uitgevoerd. Om een meting te doen, moet er een meetpunt aanwezig zijn (gat in de uitlaat waar de probe in kan). Het is te adviseren om vooraf contact op te nemen met het meetbureau.

  • Voor de vaststelling van de subsidie moet ik een meetrapport opleveren, waarin volgens de ISO 8178 procedure emissietesten worden uitgevoerd volgens de E3 cyclus uit dienstinstructie 16 van de ROSR. Mocht, uit dit meetrapport blijken, dat de NOx reductie in gram per kWh van mijn CCR0 of CRR1 motor niet overeen komt met de opgegeven waarde in het aanvraagformulier – de uitgangspositie, wat zijn dan de consequenties?

Bij uw aanvraag heeft u aangegeven wat de uitstoot was aan de hand van een certificaat of een rapport. Deze uitgangspositie is met de subsidieverlening geaccepteerd. Er wordt uitgegaan van die uitgangspositie. U heeft een beschikking ontvangen met daarin genoemd de te behalen NOx reductie in gram per kWh met hierbij een te behalen uitstootniveau in gram per kWh. Blijkt de uitstoot met maatregel niet de door u opgegeven te behalen eindwaarde te behalen, dan wordt gecontroleerd of u wel tenminste 6,5 gram per kWh heeft gereduceerd (bij B is 100%) aan de hand van de uitgangspositie zoals deze door de provincie is geaccepteerd en de gemeten uitstoot. Als u dus aangegeven had om 6,8 gram per kWh te realiseren maar dit is 6,5 gram per kWh geworden dan heeft dit geen consequenties. Had u aangegeven 6,8 gram per kWh te realiseren maar dit wordt 6,2 gram per kWh dan heeft dit wel consequenties voor de maximale subsidie.

  • Voor de vaststelling van de subsidie moet ik een meetrapport opleveren, waarin volgens de ISO 8178 procedure emissietesten worden uitgevoerd volgens de E3 cyclus uit dienstinstructie 16 van de ROSR. In de testcyclus E3 worden metingen uitgevoerd op verschillende vermogensbelastingen. Is het nodig om voor elk niveau inzicht te geven in de NOx uitstoot?

Ja, we verwachten dat u in het meetrapport de NOx uitstoot in gram per kWh aangeeft voor vermogensbelastingen van 100%, 75%, 50% en 25%.

  • De datum van ingebruikname van de reductiemaatregel moet gelegen zijn vóór 1 januari 2015. Betekent dit dat ook het meetrapport en (indien van toepassing) de controleverklaring van de accountant voor 1 januari 2015 opgeleverd moeten worden?

Nee. U dient de reductiemaatregel geïnstalleerd én in gebruik te hebben voor 1 januari 2015 (of één datum eerder in de tijd, afhankelijk van uw beschikking). Na ingebruikname heeft u nog 26 weken om een vaststellingsverzoek in te dienen. De wijze waarop u dat doet leest u hier.

Vaststellen

  • De extra investeringskosten zijn minder dan € 125.000,00 en maar ik heb wel een subsidiebeschikking voor €125.000 of meer ontvangen. Hoef ik dan geen controleverklaring in te dienen?

Nee, bij de subsidieverlening is bepaald wat voor u van toepassing is. Dit wijzigt niet omdat de kosten ineens lager blijken te vallen. Een controleverklaring op de extra investeringskosten blijft verplicht.

Overige vragen

  • Ik heb voor het indienen van mijn subsidieaanvraag gewerkt met een ‘gemachtigde’. Nu ik de beschikking heb ontvangen, zou ik zelf graag direct willen corresponderen. Hoe kan ik dit regelen?

U kunt ervoor kiezen om niet meer via een gemachtigde te werken en direct zelf met de provincie Zuid Holland te corresponderen. Mocht u dat willen dan vragen wij u een brief te sturen aan Bureau Subsidies van de provincie Zuid-Holland met de vermelding dat u de machtiging wilt beëindigen. Vergeet hierbij niet uw dossiernummer te noemen en de brief persoonlijk te ondertekenen. Het postadres is Provincie Zuid Holland, t.a.v. Bureau Subsidies – J.M. Soels, Postbus 90602, 2509 LP Den Haag.

  • Ik wil mijn binnenvaartschip verkopen, moet ik dan subsidie terug betalen?

U dient de reductiemaatregel ten minste vijf jaar in gebruik te nemen en mag deze niet binnen die vijf jaar vervreemden of op een andere manier aan derden ter beschikking stellen zonder toestemming van de provincie. Doet u dit wel dan heeft de provincie Zuid Holland het recht om een vergoeding te vragen. Of en tot welk bedrag dat gebeurt wordt per geval beoordeeld. Indien de reductiemaatregel op dezelfde wijze in gebruik blijft, kan de provincie daar ook van afzien. Indien u voornemens bent uw schip te verkopen is het verstandig vroegtijdig contact op te nemen met de provincie. Bij vaststelling van die vergoeding wordt het artikel gewaardeerd op de actuele waarde in het economisch verkeer. Ook wordt rekening gehouden met verleende subsidie voor kosten ureumverbruik die niet worden gemaakt door de subsidieaanvrager. Dit kan dus leiden tot een terugvordering van subsidie.

  • Er is mij een contract aangeboden voor een vaarroute waardoor het mij niet meer lukt om 60 actieve dagen te behalen in de Rotterdamse regio. Wat nu?

Voor evaluatie van de regeling vragen we u gegevens aan te leveren over de jaren 2015 en 2016. Mocht u minder dan 60 actieve dagen gaan varen in de Rotterdamse regio, geef dit dan door aan de provincie Zuid Holland via het meldingsformulier. Als dit niet voorzienbaar was bij de aanvraag van subsidie, leidt dit niet terugvordering.

  • De milieumaatregel gaat na de garantietermijn kapot – wat nu?

U dient ervoor te zorgen dat de milieumaatregel ten minste 5 jaar in gebruik blijft. Dit houdt in dat u de maatregel moet laten repareren. In hoeverre u hiervoor de leverancier aansprakelijk kunt stellen, is geregeld in het Burgerlijk Wetboek. U heeft als koper rechten die in dit wetboek zijn opgenomen. Provincie Zuid-Holland is geen partij in een dergelijke kwestie tussen koper en verkoper.